Gemeente Stad Deinze

Monument della Faille

Monument

Op 6 september 1959 herdachten de overlevenden van het het 20ste Linieregiment van
1914-1918 te Merendree de Slag van Overbroek en hun strijdmakkers die er als helden
sneuvelden.
Bij deze gelegenheid werd een gedenkplaat onthuld met daarop de beeltenis van Luitenant
André della Faille de Leverghem, aan wie de herinnering altijd in ere werd gehouden door
de overlevenden zowel officieren als gewone soldaten.

André della Faille de Leverghem

André della Faille de Leverghem werd geboren in Brasschaat op 5 augustus 1887.
Op 23 oktober 1918, achttien dagen voor de wapenstilstand die een einde zou maken aan
de gevechten viel hij op het veld van eer te Overbroek, in de frontlinie, aan het hoofd van
zijn infanteriepeloton.
Hij was nauwelijks dertig jaar oud en het offer dat hij bracht aan zijn Vaderland liet hem
niet toe de missie te vervullen waarvoor hij bestemd was: de vorming van de jeugd in zijn
functie van professor psychologie aan de Universiteit van Leuven. Met schitterende
resultaten had hij hiervoor de nodige studies achter de rug in Parijs.
Maar tijdens de oorlogsjaren zullen zijn persoonlijkheid, zijn idealisme en zijn geweldig
plichtsgevoel, een geweldige indruk nalaten bij allen die hem gekend hebben zoals zijn
vroegere strijdmakkers het dertig jaar later hebben gewild; zijn nagedachtenis in het brons
in ere houden.
“L'Union Familiale” voelde het als een plicht om zijn persoon aan de jeugd beter kenbaar te
maken.
Deze voorstelling zal ongetwijfeld onvolledig zeer zijn.
André della Faille de Leverghem huwde op 13 juni 1913 te Parijs met Marguerite de Ranst
de Berchem de St.-Brisson.
Op de dag van de invasie, de 4de augustus 1914, was hij een jonggehuwde met een
dochtertje geboren op de vooravond, 3 augustus 1914.
We gaan het hier niet hebben over zijn familieleven, de echtgenoot en vader werden
geroepen en gezonden door de Plicht. We gaan dus enkel de persoon en de soldaat
beschrijven die zich geofferd en gegeven heeft voor zijn Vaderland.
De enige documenten waarover we kunnen beschikken zijn een boekje, geschreven kort na
de Oorlog 1914-1918 door barones de Sarret de Coussergues, de zuster van André della
Faille de Leverghem ten behoeve van zijn ouders; enkele brieven van hemzelf, andere
geschreven door zijn oude strijdmakkers of soldaten en het werk Vu et Vécu waarin René
Willems het verhaal van het 20ste Linieregimnet samenstelt tijdens hun campagne.
Deze weinige elementen stellen ons een edel figuur voor.


De geschiedenis van André della Faille de Leverghem bevindt zich geheel samengevat in
een brief die hij op zich droeg op het moment dat hij sneuvelde; we kunnen niet beter
doen dan hem integraal over te nemen zoals zijn zus, de barones de Sarret, deed:
“Geschreven in de loopgraven. Ramscapelle, 19 juli 1916.

Mijn lieve vader, mijn lieve moeder,
Ik schrijf u enkele woorden die u zullen worden overgemaakt indien God van mij vraagt dat
ik mijn leven geef. Ik heb het opgedragen aan onze vaderlanden* zoals het mijn plicht was
te doen zonder bijbedoelingen. Maar ik hou eraan dat je weet met welke tedere
genegenheid ik, gedurende deze grote oorlog, aan u heb gedacht. Dat is omdat ik altijd
een bevoorrecht kind ben geweest, omringd door zo'n echte intimiteit.
U heeft me geleerd om voor u te denken, en u heeft me altijd aangemoedigd met een zeer
tedere vriendelijkheid. Er zijn zoveel van die voorbeelden die ik me herinner! In één woord,
u heeft me willen maken zoals u zelf wilde, wat in feite het best uitgevoerde
onderwijssysteem is.
Beste ouders, als ik sterf, ween dan niet,
Vooreerst heb ik mijn plicht gedaan, vervolgens heb ik alleen gelukkige en zuivere dagen
gekend, Béatrice en Aude zullen u troosten. Als ze van me houden, zullen ze ook van u
houden.
Op het moment van mijn dood, als God dit nodig vindt, zal ik terugdenken aan mijn huis
dat je me hebt helpen vinden en aan het intieme interieur dat je me hebt helpen bouwen
voor mijn huwelijk. Alles wat ik ben, al mijn vreugde die mijn leven heeft doen schitteren, al
het goede dat ik in mij heb, het komt van u en mijn lieve grootmoeder. Darrom zal mijn
laatste gedachte een dankzegging zijn.
Ik vraag u, lieve Papa, lieve Mama om, aan Marguerite de tedere genegenheid te willen
geven waarmee u me altijd hebt omringd.
Ik omhels u beiden met veel erkentelijkheid en genegenheid. Met respect voor u. André “

* Zijn vader, Jean della Faille de Leverghem, was Belg en zijn moeder Edmée Martineau des chesnez, was een Française.

Deze brief tart elke commentaar, hij vertelt wie de schrijver is en betekent voor zijn ouders
het grootste eerbetoon waar ouders kunnen op hopen.

Oorlogsomstandigheden in Merendree (en de dagen vooraf)

Een brief uit 1918:
Mijn dappere Luitenant,
Ik neem de eerbiedige vrijheid om u te feliciteren met al uw dappere soldaten van het 3de
peloton voor de derde welverdiende onderscheiding (1918) die u ontving voor moed en dapperheid in de eerste linie (onderstreept door de soldaat). Mijn Luitenant, Ik ben trots op u, ik ben de enige die uw moed kan beoordelen, gezien ik altijd aan uw zijde ben.
U moet weten dat er bij de soldaten onderling soms discussies zijn en dat een officier vlug
veroordeeld wordt; ik heradem dat ik in elke hoek van de kazerne hier goedkeuringen hoor. Ik zei aan de mannen “De luitenant zal niet meer terugkeren omdat hij te zwaar gekwetst is.” Maar ze antwoordden mij allen: “Zelfs al had de luitenant maar één arm meer, hij zou nog terugkomen.
Inderdaad, André della Faille de Leverghem, die drie maal gewond raakte omheldse zijn
vrouw en kinderen en verliet St-Jean-de-Luz, waar hij gemakkelijk had kunnen blijven … en
keerde terug naar het front.
Op 27 mei 1918 verlaat het 20ste Linie de sector Steenstrate-Boezinge en neemt na een korte rustperiode in juni de noordelijke sector van Diksmuide in die ze bezetten begin september tot aan het bevrijdingsoffensief.
Na vier jaar, op 28 september 1918 trekt gans het landleger in de aanval. Het 20ste Linie gaat in het offensief ten zuiden van Diksmuide. De divisie herovert het kasteel Blankaart, Klerken en Zarren, namen die vermeld staan op het banier van het 20ste. Het 2de bataljon, dat van Luitenant della Faille de Leverghem, werd het minst beproefd in deze eerste gevechten. Zo bleef hij ononderbroken beschikbaar gedurende 15 dagen. Als beschikbare reserve bij de inname van Zarren en Torhout, komt hij in de eerste linie te staan bij het naderen van Gent en het afleidingskanaal van de Leie.

De overname van Overbroek

De 6de compagnie krijgt als missie de overname van Overbroek;
“In die periode trekt het peloton van Luitenant della Faille de Leverghem richting het kanaal, nadat ze eerst in de huizen ten noorden van de weg Hansbeke-Merendree een dozijn krijgsgevangenen hadden genomen Het was een volledig open terrein dat gedomineerd werd door de loopgraven aan de rechteroever, van waaruit de Duitse machinegeweren onophoudend bleven vuren.
De leider van het peloton is een officier die met drie blessures sinds het begin van de oorlog, zijn heldhaftigheid reeds heeft bewezen. Hij sleept zijn mannen mee en ze geraken steeds verder. De sergeant Claes, wordt geveld door een kogel al roepend “Vooruit”. Ze komen aan het kanaal maar daar is er geen enkele mogelijkheid meer om te schuilen tegen het geschut van de vijand. De soldaten Van Genechten, Rooms en Jules Claes werden gedood. De luitenant André della Faille de Leverghem is dodelijk geraakt op het moment dat hij achter een boom langs de oever, de posities van de vijand observeerde. De soldaten Delalune en Alders snellen hem ter hulp. Ze vallen dood aan zijn voeten.
De soldaat Delalune was de ordonans van André della Faille de Leverghem, hij is de auteur
van de brieven die we geciteerd hebben.
Het 20ste Linie heeft zware verliezen geleden, maar het bruggenhoofd Overbroek is
verminderd en de Duitsers zijn verdreven over het kanaal.
De barones de Sarret, zus van André della Faille de Leverghem, citeert eveneens een brief van de Kapitein Servais:

De Luitenant André della Faille de Leverghem is niet teruggekeerd. Ik ben inlichtingen gaan inwinnen bij zijn manschappen en sergeant vertelde me dat hij André, zich schuilhoudend achter een boom hoorde roepen: “Delalune, ik ben gewond”. Hij heeft toen gezien dat Delalune en een andere soldaat hem ter hulp snelden ..."

De Ridder (luitenant) ging de volgende dag het hele terrein doorzoeken om er zeker van te zijn dat hij er niet was. Helaas vond hij hem gezeten aan de voet van een boom aan de oever van het kanaal met Delalune en Alders, gedood aan zijn zijde. Hij heeft ze onmiddellijk naar achteraan gebracht en begraven zo goed hij kon. 
Op het dagorde van het leger vinden we een laatste citering: “Reserveluitenant André della Faille de Leverghem is opgenomen als Officier in de Leopoldsorde. Eliteofficier, met een groot plichtsbesef, met een onwrikbare moed en durf. Hoewel hij gehuwd en huisvader was, meldee hij zich als vrijwilliger op 4 augustus 1914. Ontslagen in september 1914, omwille van zijn verwondingen door de vijand, meldt hij zich vier maanden later opnieuw aan. Hij is in alle omstandigheden een voorbeeld van toewijding en zelfverloochening.
“Twee maal gekwetst na elkaar, vraagt hij steeds om terug te keren naar zijn eenheid, zeggende: “Ik heb me geëngageerd om mijn plicht te doen tot het einde.” Op 23 oktober, in de slag van Overbroek, op het moment dat zijn doel nabij was is hij dapper gesneuveld voor de verdediging van het Belgische volk, nadat hij op schitterende wijze zijn manschappen had meegetroond onder het zware geschut van de vijandelijke mitrailleurs en na het nemen van talrijke gevangenen. Aan het front sinds het begin van de oorlog.”


André della Faille de Leverghem was, is en blijft een man waar de familie della Faille fier op is dat hij een van hen was; hij is trouw gebleven aan het ideaal dat hem reeds inspireerde tijdens zijn passage in Gent in 1914.

“In sommige omstandigheden geeft de ene zich volledig. Men kan vele verwijten richten aan de adel van het ancien regime, maar zij wisten zich ten minste op te offeren voor mooie idealen. Zij werden opnieuw het Voorbeeld.”
En dat woord, geschreven in 1914, was met de hand onderstreept.

Meer informatie vindt u in het artikel in Het Land van Nevele, jg. 2018 afl 3 (zie downloads)