In 1997 werd het Gemeentelijk Natuurontwikkelingsplan goedgekeurd. Op basis hiervan wordt het beleid rond natuurlijke entiteiten opgebouwd. Er is ook een verruiming gekomen, waarbij ook in stedelijk en bewoond gebied rekening gehouden wordt met de aanwezigheid van groenelementen. De visie van het Agentschap Natuur en Bos over harmonisch parkbeheer wordt eveneens opgenomen in de beleidsvisie.
De landschapsbescherming situeert zich vooral op het onderhoud van de lijnvormige landschapselementen: bomenrijen, knotwilgen, houtkanten.
Voor het onderhoud wordt gebruik gemaakt van het beheersplan Landschapselementen opgemaakt door de VLM in 1999.
Er is een subsidiereglement in voege voor het onderhoud van knotbomen, houtkanten en inheemse hagen (met min. lengte van 50 m) gelegen in landelijk gebied. De maximale subsidie bedraagt 120 euro/jaar per aanvrager. Er wordt ruim gebruik gemaakt van de subsidieaanvragen al wordt opgemerkt dat voor het onderhoud van "historische" hagen bij hofsteden nagenoeg geen subsidies gevraagd worden, maar wel van nieuwe beukenhagen rond verbouwde woningen in het landelijk gebied.