Voor wie?
Als je overleden huwelijkspartner gepensioneerd was of recht zou hebben op een pensioen, heb je in principe recht op een overlevingspensioen. Er zijn echter twee voorwaarden:
- Je moet minstens 45 jaar zijn, tenzij je een kind ten laste hebt of minstens voor 66% blijvend arbeidsongeschikt bent. Voor ambtenaren jonger dan 45 jaar is er een speciale regeling. Weduwen van mijnwerkers met 20 jaar dienst (of gelijkgestelde beroepen) kunnen op om het even welke leeftijd een overlevingspensioen krijgen.
- Je huwelijkspartner moet minstens een jaar na je huwelijk overlijden, tenzij dit overlijden het gevolg is van een ongeval of een beroepsziekte, tenzij er een kind ten laste was of als er, zelfs postuum, een kind geboren is uit dit huwelijk.
Dit geldt echter niet wanneer je uit de echt gescheiden bent.
Aanvragen
De aanvraag voor een overlevingspensioen werknemer en/of zelfstandige gebeurt bij de dienst Sociale Zaken (stadhuis).
De toekenning van het overlevingspensioen gebeurt zonder aanvraag, indien de man/vrouw reeds pensioen genoot op het ogenblik van overlijden.